Zorgvastgoed seminar: Hoe zorg je ervoor dat zorgbestuurders en vastgoedinvesteerders dezelfde taal leren spreken?

Op 15 juni 2017 organiseerden ABN AMRO, Beaufort en Van Doorne een interactieve bijeenkomst waar zowel zorginstellingen, vastgoedbeleggers als bankiers met elkaar in gesprek gingen. Het verslag van die dag staat hieronder voor u klaar.

Hoe kunnen zorginstellingen, vastgoedbeleggers en banken elkaar beter vinden? Wat kunnen zij voor elkaar betekenen? Welke uitdagingen zien zij? Deze vragen stonden centraal tijdens het zorgvastgoedseminar op 15 juni jl., georganiseerd door ABN Amro, Beaufort en Van Doorne. Een panel van vier deskundigen: Anja van Balen (ABN Amro), Ivo van der Klei (Amstelring), Gerrit Jan Vos (Marente) en Daan Tettero (Syntrus Achmea Real Estate & Finance), deelden hun ervaringen en visie tijdens een interactieve ronde-tafel-discussie.

Door een veranderende zorgvraag, verouderd vastgoed en een groei in de markt zal de zorgvraag op korte termijn boven het volume van het zorgvastgoed uitstijgen. Intramurale ouderenzorg zal steeds meer een hospicefunctie krijgen, waarbij doorlooptijden teruglopen naar acht maanden (of korter). De scheiding van wonen en zorg zal nog verder worden doorgevoerd, tot het twee volledig losstaande componenten zijn. Al deze factoren betekenen dat het zorglandschap er op korte termijn geheel anders uit zal gaan zien.

Dat betekent dat ook het zorgvastgoed daarop aangepast zal moeten worden. De deskundigen hebben ieder vanuit hun eigen rol hun visie op deze ontwikkelingen gegeven.

Anja van Balen beet het spits af met haar toelichting op de rol van banken binnen de zorgvastgoedmarkt. De belangrijkste behoefte van banken is zekerheid dat leningen kunnen worden terugbetaald. Daarvoor is rentabiliteit van zorgaanbieders essentieel. Hoge rendementseisen zorgen echter voor weinig flexibiliteit. Terwijl flexibiliteit, zo blijkt uit de discussie, in de veranderende zorgvastgoedmarkt juist onontbeerlijk is. Banken moeten scherp inzicht houden in de zorgvastgoedmarkt. Een oplossing is wellicht gelegen in samenwerking tussen banken en beleggers, woningcorporaties of lokale bewoners. De meningen over dergelijke samenwerkingen lopen uiteen.

Om partijen te enthousiasmeren deze samenwerking in de toekomst vorm te geven is voor de belegger een belangrijke voortrekkersrol weggelegd. Daan Tettero legde uit dat hij voorziet dat beleggers (zorg)vastgoed in de toekomst (in toenemende mate) direct aan bewoners zullen gaan verhuren. Zorgaanbieders zullen dan de zorg los van het vastgoed leveren. Zorg wordt daarmee op de achtergrond geregeld, maar zal wel beschikbaar zijn. Het risico van leegstand rust daarbij op de belegger, niet op de zorgaanbieder. Hiermee kan de eerder gesignaleerde, cruciale flexibiliteit voor de zorgaanbieder worden gewaarborgd.

Dat het zorglandschap continu verandert, is niet nieuw. Dat flexibiliteit 'key' is, is dus al langer bekend. Maar wanneer ben je als zorgaanbieder nu flexibel? Met (veel) vastgoed in eigendom? Of juist met huurcontracten, die echter in de regel een looptijd van 20 jaar of langer hebben? Ivo van der Klei en Gerrit Jan Vos lichtten toe welke afwegingen zij als zorgbestuurders voor hun vastgoed maken. Vastgoed in eigendom kan worden verkocht, waardoor vermogen vrijkomt. Dergelijke opbrengsten uit verkoop kunnen de zorgorganisatie ondersteunen. Eigen vastgoed zou ook door een zorginstelling kunnen worden verhuurd aan andere doelgroepen. Huurovereenkomsten kosten slechts geld zonder dat het geld oplevert. Biedt het hebben van vastgoed in eigendom op die manier juist niet meer flexibiliteit? Vastgoed huren of zelf in portefeuille hebben en hoe een betrouwbare investeringspartner te selecteren zijn dilemma's waarmee in de zorgvastgoedwereld dan ook wordt geworsteld.

De veranderende zorgvastgoedmarkt heeft alle betrokken partijen op scherp staan. Uit het seminar is gebleken dat de veranderingen echter ook veel kansen bieden. Zorgaanbieders krijgen de ruimte meer te ondernemen.

Het seminar werd dan ook afgesloten met de woorden:

'We zijn er zeker in geslaagd om dezelfde taal te spreken, een oplossing ligt echter nog niet voorhanden. Stof tot nadenken. Wordt vervolgd.'